AfD wil Duitse puntdaken op Bauhaus

Alternative für Deutschland (AfD), de extreemrechtse volkspartij in Duitsland, heeft zich in 2026 openlijk verzet tegen de zielloze architectuur van het wereldberoemde Bauhaus, de school voor architectuur, toegepaste kunst en design die door Walter Gropius 100 jaar geleden gebouwd werd in Dessau. Met name dat het Bauhaus is opgetrokken uit staal, glas en beton is een doorn in het oog.

De partijideoloog van de AfD Marc Jongen stelde dat modernistische architectuur de mens vervreemdt van zijn omgeving en zijn collectieve identiteit aantast. Het Bauhaus is vreemd aan de Duitse volksziel, Het is het experiment van een kosmopolitische elite. Bovendien bevat het platte daken. Volgens de AfD moeten we terug naar traditionele Duitse bouwstijlen met puntdaken en decoratieve interieurs. Het huiselijke, romantische ideaal met rook uit de schoorstenen.

Een pleidooi voor het puntdak lijkt onschuldig. Maar onder het mom van architectuur verhult het racisme. En dat deden de nazi’s ook al. De nazi’s sloten het Bauhaus in 1933 vanwege ontaarde kunst. Het gaf niet de Duitse volksziel weer. Talloze werken van docenten zoals Wassily Kandinsky, Paul Klee en anderen werden bespot, verbrand of verkocht aan buitenlandse handelaren.

En nu is het opnieuw extreemrechts die kunst en architectuur gebruikt om de Duitse volksgeest tegenover migranten en andere culturen en vrijdenkers te plaatsen. Het platte dak van het Bauhaus staat voor een aanval op het Duitse zuivere ras. Maar dit Duitse ras en cultuurgevoel is heden ten dage veranderd in een diverse samenleving, internationaal georiënteerd op het gebied van cultuur, economie en politiek.

De extreemrechtse stemmer voelt zich vermorzelt in het internationale politieke veld. Dat kan zijn, maar wat typisch is, is de terugtrekkende beweging naar een nostalgisch oud concept van de Duitse volksgeest waarin er geen plaats is voor anderen. Dit hardop zeggen geeft problemen en doet denken aan de retoriek van de nazi’s. Maar het Bauhaus veroordelen en aanvallen als die verderfelijke internationale kliek van denkers en doeners met hun platte daken kan minder kwaad denkt men.

In mijn boek: Kandinsky en het opbloeien van de Vrije geest. De visie, oefeningen en meditaties van een spirituele schilder (Ten Have 2010) leg ik de nadruk op het ontwikkelen van een zelfstandige, vrije en autonome personen door middel van kunst. Ik heb tussen 2012 en 2020 meerdere kunst – en creatieve denk retraites in het Bauhaus gegeven. Wat mij opviel was dat de vele ruime architectuurlokalen na de grotendeels leeg stonden. Het was nog geen goed gebruikt opleidingsinstituut voor internationale kunststudenten en creatieve vormgevers. Vergeet niet dat de communisten na de Tweede Wereldoorlog het Bauhaus ook als elitair zagen en geen affiniteit hadden met de vrije expressie. De designmeubelen van de kantine werden door hen vervangen door plastic stoelen voor drankgelagen en feesten. Na 1989 kon het Bauhaus vrij van oude ideologieën verder. Sinds 1996 staat het op de werelderfgoedlijst van Unesco.

De grote vensters zijn er nog steeds. Ik keek er met mijn cursisten door de vensters en maakten ons hoofd leeg met oefeningen van Kandinsky. Ons brein open voor nieuwe expressie. Geen afleiding door prullaria, insignes, tekens en symbolen. Het Bauhaus zegt eigenlijk, wie ben je zonder al die opgelegde beelden en bekende expressie? Het vervreemdt de mens niet maar de mens komt in zijn eigen lege naakte waarheid te staan. Dat had Kandinsky door. Het is in feite een spiritueel probleem met als kernvraag: Wie ben ik los van mijn omgeving? Een weide brede geest die origineel wil zijn en iets nieuws wil maken. Zonder zich af te zetten tegen anderen. En dat is voor extreem echts doodeng.